Wat kunnen banken en politiek leren over leiderschap?

Gepubliceerd op 4 mei 2015

De Nieuwe Dominee spreekt over leiderschap, liefde en loyaliteit. Wat kunnen banken en politiek leren over leiderschap? De Nieuwe Dominee is te gast bij De Onafhankelijke Pers in de Catacomben van Den Haag.

http://ommekeer-nederland.nl/de-catacomben-van-den-haag-de-onafhankelijke-nieuws-poort-pers/

Robert van den Bout (°1966) is voormalig bedrijfsleider van Holland Casino en jarenlang president geweest van de zogenaamde Outlaw Motorcyle Club Demons. In beide hoedanigheden heeft hij erg veel geleerd over leiding geven: hoe het zou moeten, maar hoe het vaak niet gebeurt. Hij is de filosofie vanuit zijn motorclub achtergrond gaan vertalen naar het bedrijfsleven en dit wordt door veel bedrijven (waaronder grote bedrijven als supermarktketen C1000 en zijn eigen Holland Casino) met veel enthousiasme omarmd.

Advertenties

3 gedachtes over “Wat kunnen banken en politiek leren over leiderschap?

  1. Bron: http://www.vn.nl/Archief/Justitie/Artikel-Justitie/No-Angels-De-macht-van-een-paar-hobbyclubs.htm

    No Angels: De macht van een paar hobbyclubs

    Door Harry Lensink & Marian Husken
    20 september 2011 Leestijd: 21 minuten

    ‘Respecteren jullie ons leven, respecteren wij jullie wetten.’ Bikergirl 666 laat het motto op haar vest graag fotografisch vastleggen. ‘We kregen net de complimenten van de agenten dat we het verkeer hier zo goed regelen,’ zegt ze trots.

    Honderden leden van Nederlandse motorclubs, voornamelijk mannelijke Harley Davidson-rijders, zijn op zondag 4 september naar Amsterdam gekomen voor een ‘spontane’ protestdemonstratie op het Waterlooplein. Bikergirl 666 zorgt ervoor dat de motoren de juiste afslag nemen. Zonder aarzeling springt ze voor aanrijdende auto’s of maant ze groepen fietsers met een dwingend handgebaar om even voorrang te verlenen aan de reusachtige trikes (driewielige motoren) van haar actievoerende motorvrienden. Ze was al vroeg ter plaatse met haar crew uit Apeldoorn. ‘We hadden dit niet van tevoren afgesproken. Maar iemand moet de toegang regelen. We zorgen zelf voor de veiligheid. Voor een vrouw hebben ze respect.’

    Zes politiemensen in gele hesjes slaan de motorbijeenkomst op afstand gade. De ME staat paraat aan de rand van de stad. Pas als er een melding komt dat tweehonderd bikers van motorclub Satudarah de hoofdstad naderen, verschijnen ook langs het Waterlooplein enkele ME-bussen en hangt ineens een politiehelikopter in de lucht. Maar de sfeer blijft ontspannen. Voor de members van het Amsterdamse Hells Angels-chapter is het een thuiswedstrijd. Ze hebben zich verzameld rond de tattooshop Inkrowd Tattoos, waar hun president Daniel ‘Unu’ Uneputty een gesprekje voert met een surveillerende agent.

    Ondertussen overlegt de Mobiele Eenheid elders op de A2 met motorclub Satudarah. Ze zijn tegengehouden bij de stadsgrens. Uiteindelijk mogen twintig motorrijders na gefouilleerd te zijn doorrijden, onder wie clubpresident Santerra Manuhutu. Een evenwichtig aantal, meent de politie. Op het plein zouden ook maar twintig Hells Angels aanwezig zijn. Camera’s draaien als ‘Unu’ en Manuhutu elkaar korte tijd later hartelijk omhelzen. De boodschap is duidelijk: alles koek en ei. Daarna tuft de Angels-voorman traag weg op zijn Harley, gevolgd door de Satudarah-members die uit effectbejag wat extra gas geven. Het charmeoffensief van de Hells Angels en hun motorvrienden lijkt geslaagd. De clubs staan vreedzaam zij aan zij, dus waarom al die opwinding over een ophanden zijnde bikerwar?

    Van het café geveegd

    Burgemeesters van Arnhem tot Breda, van Tilburg tot Goes gelastten afgelopen maanden motorfestijnen en Harley-dagen af uit vrees voor een confrontatie tussen de Hells Angels en Satudarah. De korpsbeheerders gingen af op informatie van de opsporingsinstanties. Hoewel het al enkele jaren relatief rustig is rond motorbendes, hebben de clubs nog steeds de aandacht van politie en Openbaar Ministerie. Daar is men al geruime tijd verontrust over de strijd om de hegemonie in Nederland.

    Vreedzame coëxistentie of niet, de Hells Angels en Satudarah doen overduidelijk een wedstrijdje ver plassen. De eerste is de oudste club in Nederland en telde in 2009 negen chapters. Dat zijn er dit jaar achttien geworden, met nieuwe afdelingen in Zeist, Barneveld, Gouda, Amersfoort, Raamsdonk (South Central), Nijmegen (Lower Eastside) en Utrecht. Afgelopen weekend is er Breda aan toegevoegd, waar Satudarah al een supportgroep heeft. Satudarah, van oorsprong Molukse bikers die zichzelf omschrijven als een ‘multiculturele motorgroep’, is de laatste jaren ook flink gegroeid en telt zeventien chapters. Daarbij zit ook de MC Trailer Trash Travellers, een chapter uit de woonwagenwereld dat twee jaar geleden tijdens een freefightgala nog op de vuist ging met Hells Angels. Afgelopen zomer werden er afdelingen opgericht in onder meer Maastricht, Eindhoven en Utrecht. Met de uitbreiding heeft Satudarah in vier steden vlaggen geplant op Hells Angels-terrein. Ook in Amsterdam, waar het machtigste chapter van de Angels de thuisbasis heeft. Dat voert de spanning op, ook bij bestuurders. Toen in het laatste weekend van juli zowel de Angels als Satudarah in full colors (getooid met emblemen) in het Amsterdamse uitgaansleven verschenen, stond de Amsterdamse politie op scherp. Bij café Orbit aan de Scheldestraat werden zesenvijftig Satudarah-leden van het terras geveegd door de ME. Het leidde tot verschillende aanhoudingen en de vondst van messen en vuurwapens. Het voorval tekent de explosieve situatie. Maar ook hier ontkennen beide clubs dat er een probleem is.

    Toch zijn er op zijn minst ‘meningsverschillen’. Tot voor kort zaten beide MC’s in de Raad van Acht, een overlegorgaan dat in 1996 werd opgericht om de ‘goede verstandhoudingen binnen de grote clubs te bevorderen’. Daarmee probeerde men te voorkomen dat hier het equivalent van de Great Nordic Biker War zou uitbreken. In Scandinavië vochten de Hells Angels en de rivaliserende Bandidos een bloedige oorlog uit, waarbij antitankwapens en autobommen werden gebruikt en talloze doden en gewonden vielen.

    – ‘Van de Nomads had niemand een betaalde baan, maar ook geen uitkering’

    De Raad van Acht leek z’n vruchten af te werpen. Maar begin dit jaar werd Satudarah uit het overlegorgaan gezet. De club zou flirten met de vermeende aartsrivalen van de Angels, de MC Bandidos uit Duitsland. Satudarah reageerde met een persbericht en meldde dat de royering ‘niet bevorderlijk is voor de stabiliteit in de motorwereld’. Tegelijkertijd ontkent ze stellig van plan te zijn om zich aan te sluiten bij de Duitsers en zo een Nederlandse afdeling van de Bandidos te creëren. Wel beschouwen ze de Bandidos als hun vrienden. Het verhaal van de ophanden zijnde bikerwar is gebaseerd op ‘valse geruchten’ van de politie en wordt opgeklopt door de media, herhalen de woordvoerders van de clubs keer op keer. Hells Angels-leider Uneputty spreekt zelfs van een ‘angstcampagne’: ‘De politie bezorgt zichzelf werkgelegenheid.’

    Een soort onaantastbaarheid

    Zeker is dat de opsporingsinstanties nog steeds hun vizier hebben gericht op de Nederlandse MC’s. Dat blijkt uit Hells Angels en andere 1%-MC’s in Nederland, een intern ‘kennisdocument’ van het Korps Landelijke Politiediensten (KLPD) in Driebergen, dat eind vorig jaar verscheen en waarover Vrij Nederland beschikt. De samensteller, die niet met naam wordt vermeld, wil hierin duidelijk maken dat de politie wel degelijk inzicht heeft in de geheimen van de Nederlandse motorclubs. Althans, in dat deel dat de 1%-MC’s (one percenters) wordt genoemd. Die naam refereert aan het ‘outlaw’-gehalte van deze verenigingen, in 1947 door een bestuurder van de Amerikaanse Motorcyclist Association geschat op 1 procent van het totale aantal motorclubs. In Nederland zijn er zeven: Demons, Black Sheep, Rogues, Veterans, Animals, Hells Angels en Satudarah, waarvan de laatste twee het grootst zijn. De KLPD heeft het rapport laten maken wegens een ‘dringende behoefte om meer kennis te verwerven over de ontstaansgeschiedenis, gedragsvormen, activiteiten van en de opsporingspraktijk jegens deze MC’s en haar leden’. Voor het eerst brengt de politie de motorclubs zo uitvoerig in kaart. Daarbij maakt ze volop gebruik van onder meer recente strafdossiers. Om te beginnen het onderzoek naar de liquidatie van drie Nomads. Alle leden van deze Limburgse Angels-club werden opgepakt als verdachte van de moord op deze brothers. Hoewel er overweldigend veel bewijs voorhanden was, werden de verdachten in 2009 tot op het hoogste gerechtelijk niveau vrijgesproken. Ze hielden allemaal stijf hun kaken op elkaar. Daarnaast probeerde het Openbaar Ministerie in het zogenaamde Acroniem-onderzoek om de Angels als criminele organisaties te vervolgen. Ook dat resulteerde in 2007 – na vormfouten – in een zeperd voor de opsporingsinstanties. ‘Hoewel deze zaken voor het OM en de politie op een grote teleurstelling zijn uitgelopen, is hierdoor wel een veel beter zicht verkregen op de leefwereld van “outlaw bikers”,’ schrijft de KLPD-medewerker. Om daar fijntjes aan toe te voegen dat het eerder verzamelde materiaal ondanks de negatieve resultaten nog goed te gebruiken is.

    Het rapport wil vooral het beeld weerleggen dat het om ‘onschuldige hobbyisten’ gaat. In de inleiding wordt daarom meteen de toon gezet. De auteur haalt een ‘zeer verrassende’ uitspraak aan van Angels-president Uneputty, die in 2008 tegen Nieuwe Revu zei: ‘Hells Angels werken hard en hebben kinderen met goede manieren. Omdat we er nét iets anders uitzien, worden we beladen met alle zonden Israëls.’

    Hoezo werk? Hoezo nét iets anders? Dat vraagt de KLPD zich af. ‘Van de Nomads had niemand een betaalde baan, maar ook geen uitkering of iets dergelijks,’ sneert de schrijver van het interne rapport. En met hun spierbundels, tatoeages en opvallende kledij lijken de clubleden toch vooral te willen benadrukken dat ze niet nét maar vooral héél anders zijn dan de doorsnee burger. Dat alles volgens de politie om ‘een soort onaantastbaarheid’ aan te geven.

    Wachtlopen op het terrein

    Ook het beeld van de outlaw, de vrijbuiter met het hart op de goede plaats, is onterecht, vindt de KLPD. De dienst schetst een wereld met een duidelijke hiërarchie en harde regels, ondoordringbaar voor de buitenwacht. De auteur van het ‘kennisdocument’ waakt ervoor om de clubs als criminele organisaties weg te zetten – van die fout lijkt de politie te hebben geleerd. Maar de verdenking druipt van de pagina’s: wie member wordt van een motorclub kán niet anders dan op het foute pad belanden. Het rapport haalt een Duitse spijtoptant aan, die vertelt dat het bijna onmogelijk is om uit legale inkomsten het Hells Angels-lidmaatschap te bekostigen. ‘Er was een eenvoudige manier om het inkomen aan te vullen. Dat gebeurde door spullen te stelen, verzekeringsmaatschappijen op te lichten of mee te doen aan drugshandel.’ Alles staat in het teken van de club. In de strikte, wereldwijd opgelegde hiërarchie van de clubs is een aspirant-lid – een prospect – al snel vele duizenden euro’s per jaar kwijt. Een prospect dient bovendien vierentwintig uur per dag beschikbaar te zijn voor de club. Een ex-Angel: ‘Dat is dus lastig als je een fulltime baan hebt.’ Ook tijdens observaties voor het Acroniem-onderzoek legden rechercheurs vast dat de dagindeling van de meeste leden bestaat uit veel bellen, veel rijden en veel bezoekjes en ontmoetingen op het clubhuis, op parkeerplaatsen en bij horecagelegenheden. Wie onderaan in de pikorde staat, moet verder veel corveeklusjes doen zoals wachtlopen op het terrein van het clubhuis dat het etmaal rond wordt bewaakt. Weigeren is geen optie. Zelfs niet als een prospect wordt gevraagd om iemand te dreigen of in elkaar te slaan, beweert het KLPD-rapport. In het document wordt rijkelijk gestrooid met binnen- en buitenlandse voorbeelden. Een Nederlandse spijtoptant verklaarde tegenover de politie dat hij in zijn aspirant-tijd regelmatig drugs en wapens voor members had moeten halen. Met zulke klusjes vergaren prospects punten. Volgens een prospect van de Canadese Nomads is het ‘als met Air Miles, des te meer je hebt, des te verder je kunt gaan’.

    Nieuwe leden worden zorgvuldig gescreend. Daarbij schakelen de Hells Angels hun contacten in binnen de gemeente, de politie of de belastingdienst. De club wil niet alleen alles weten over de prospect zelf, maar ook over zijn familie. Hij moet foto’s inleveren van vrouw en kinderen. Die kennis kan de club gebruiken om loyaliteit af te dwingen. Daar zit ook een ‘positieve’ kant aan. Wie eenmaal binnen is, kan de rest van zijn leven gebruikmaken van de gewelddadige reputatie en diensten van de club. Dat geldt ook voor de familie. Het leidt er toe dat er nogal eens nazaten bij de MC’s opduiken. Zonen zijn ook lid of runnen een café of een tattooshop, zaken die te relateren zijn aan de motorclub. Daarnaast kan de familie van een member terugvallen op de imponerende spierballen en dreiging met wapengekletter. Het rapport geeft als voorbeeld een dochter van een Hells Angel die ruzie had met een man. Ze belde met haar vader, die vervolgens met hulp van een ander clublid de belager te lijf ging.

    Foto: Robert Vos/ ANP
    Foto: Robert Vos/ ANP
    Een one percenter is lid voor het leven, hij is zijn club trouw tot aan de dood en houdt zich strikt aan de omerta: hij zwijgt onder alle omstandigheden over de clubgeheimen. ‘Jullie snappen het niet,’ zegt een Nederlandse member van de Hells Angels in het Acroniem-onderzoek. ‘Ik kan gewoon niets zeggen en zal dit ook niet doen. Ik weet waarvoor ik ga, al moet ik twintig jaar zitten, ik zeg helemaal niets.’

    Zeer zelden verlaat iemand vrijwillig en met instemming – in good standing – een MC. Bij vertrek krijgt hij de datum van uittreding op zijn lijf getatoeëerd. Vaker gebeurt het dat een lid na een misstap in bad standing de club moet verlaten. Zo’n ex-member moet daarbij alles inleveren dat met zijn clubverleden te maken heeft: van tatoeages tot zijn Harley Davidson.

    Het overkwam ‘Big Willem’ van Boxtel, de ex-president van de Amsterdamse Hells Angels. Hij zou hebben samengespannen met vastgoedhandelaar Willem Endstra om diens belager en Angels-vriend Willem Holleeder te vermoorden. Toen dat complot naar buiten kwam, moest Van Boxtel meteen het veld ruimen. Hij raakte zijn kroeg op de Wallen kwijt, en zijn woning die op het terrein van de Angels stond.

    Filthy Few-patch

    Het ‘kennisdocument’ van de KLPD komt met meer – afschrikwekkende – voorbeelden. De Limburgse Hells Angel Jeffrey Heuschen die zijn clubverplichtingen niet nakwam, verdween spoorloos. Hij zou er verantwoordelijk voor zijn geweest dat een ander clublid – zijn mentor nota bene – in de gevangenis belandde. Toen de laatste vrijkwam, werd Heuschen gedwongen meegevoerd naar het buitenland. Sindsdien is er nooit meer iets van hem vernomen.

    Opvallend was dat de mentor van Heuschen sinds de vermissing het Filthy Few-patch (FF of 66) droeg. Volgens politierapporten is dat insigne exclusief bestemd voor members die in opdracht van de club een moord hebben gepleegd. Nonsens, beweren Hells Angels. Maar het KLPD-rapport komt met een voorbeeld uit het Acroniem-onderzoek. Rechercheurs houden een ex-brother voor dat hij huurmoordenaar was. Diens antwoord bevestigt dat het begrip binnen de club bekend is: ‘Dus ik was een Filthy Few?’ Ook citeert de rapporteur een uitspraak van de huisadvocaat van de Amsterdamse Hells Angels. Toen Willem van Boxtel met bad standing de club moest verlaten, zei de advocaat dat Van Boxtel niet hoefde ‘te vrezen voor een bezoek van de zogeheten Filthy Few, het doodseskader van de Angels’. Ook de drievoudige moord op de Limburgse Nomads in 2004 was volgens de politie een opgelegde sanctie. Het trio slachtoffers, onder wie de president, had de clubregels van de Angels grof geschonden door 300 kilo coke achterover te drukken. Hoewel uiteindelijk niemand werd veroordeeld voor de moorden, werd het Limburgse chapter al voor het definitieve vonnis opgeheven door de Angels. De leden werden ook nog eens geroyeerd. Maar later valt het de KLPD op dat een aantal van de leden inmiddels is aangenomen bij andere chapters: blijkbaar was het een geautoriseerde moord.

    De kennis die de politie heeft samengevat, bestaat vooral bij gratie van onderzoeken naar de Hells Angels. Logisch: deze club had hier lang het alleenrecht. Sterker: de Amsterdammers waren het leading chapter in Europa. Volgens een Duitse ex-Hells Angel, die wordt opgevoerd in het politierapport, golden de Nederlandse brothers als ‘stabiel en meedogenloos’. Terwijl in andere Europese landen rivaliserende bendes op de vuist gingen, heerste Amsterdam als een koning over het gehele continent.

    De politie vermoedt echter dat Hannover tegenwoordig het ‘mother-chapter’ van Europa is. Dat statusverlies is volgens de KLPD veroorzaakt door de twee eerdergenoemde spraakmakende strafzaken. Tijdens die rechtszaken hadden de opsporingsambtenaren uiteindelijk weliswaar het nazien, maar de vervolging blijkt de machtspositie van de Angels wel te hebben ondergraven. Door zijn tolerante drugsklimaat en coulante houding ten aanzien van de motorclubs was Nederland lange tijd aantrekkelijk. Die rust is voorbij door de ongewenste aandacht van de staat. Het is mede de reden waarom rivalen als de Bandidos proberen hier een voet aan de grond te krijgen, suggereert de politie. Ze ziet dat onder meer in aangetoonde contacten tussen Nederlandse Satudarah-leden en Bandidos-members uit verschillende landen. En dat belooft hommeles, zoals eerder in Noorwegen en de afgelopen jaren in Duitsland is gebleken.

    Afpersen en intimideren

    Waarom zou een internationaal gevestigde club als de Bandidos moeite doen om hier een vinger in de pap te krijgen? De politie heeft een vermoeden: geld. Naast eerzucht worden de clubs vooral gedreven door economische belangen. In buitenlandse publicaties worden de motorbendes steevast neergezet als de meest succesvolle misdaadondernemingen die de opsporingsdiensten ooit zijn tegengekomen. Europol stelde vorig jaar vast dat de handel en productie van cannabis en methamfetamine de hoofdactiviteiten van de clubs zijn. Volgens hetzelfde rapport hebben de groepen bovendien een stevige positie in de cocaïnemarkt. Het criminele geld vindt zijn weg naar de bovenwereld, waarin de 1%-clubs ook zelf zijn vertegenwoordigd. De KLPD noemt vooral branches waarin veel cash geld omgaat, zoals cafés, zonnestudio’s, garages en tattooshops. Daarnaast constateert de politie betrokkenheid van clubs bij vechtsportgala’s, growshops en de beveiligingsbranche.

    – De mislukte rechtszaken hebben wél het aanzien van de Angels ondergraven

    De samensteller van het KLPD-rapport lardeert zijn betoog met talloze voorbeelden uit de justitiële praktijk, gebruikmakend van observaties en telefoontaps uit afgesloten onderzoeken waarin clubs of individuele leden figureren. Bijvoorbeeld in de strijd van de gemeente Amsterdam tegen de seksclub Yab Yum, die zijn deuren moest sluiten wegens betrokkenheid van de Angels. Er zijn ook volop lopende zaken waarin motorcriminelen een rol spelen, zoals het onderzoek naar de liquidatie van Rob Schilders in 2010. Deze Hells Angel werd vermoedelijk vermoord na een ruzie over een drugsdeal. In het recente Vista-onderzoek naar de import van Colombiaanse cocaïne worden leden van het IJmuidense Angels-chapter gelinkt aan de zaakjes van de hoofdverdachte. In een uitgelekt dagjournaal van de Nationale Recherche blijkt dat prominente Amsterdamse criminelen frequent contact hebben met kopstukken van de Hells Angels. Vorig jaar werd het vooraanstaande Amsterdams Angels-lid Rini S. veroordeeld tot negen maanden celstraf wegens bedreiging van de later vermoorde hasjhandelaar Paul Epskamp. En het blijft niet beperkt tot de Angels: deze zomer begon de politie in Breda een onderzoek naar het afpersen en intimideren van café-eigenaren door Satudarah-leden.

    Het is een uitvoerige opsomming van zware delicten en verdenkingen. Maar als het om zulke dubieuze clubs gaat, waarom zijn ze dan nog niet verboden? Dat komt volgens de KLPD omdat het met de Nederlandse wet in de hand moeilijk is om te bewijzen dat het om criminele organisaties gaat. De politie zoekt inspiratie bij collega’s in Australië (waar men succes boekt met de zogeheten anti-bikie law) en Amerika (de anti-maffiawetgeving RICO), maar ook daar lijken de 1%-clubs vaak weg te komen met lichte straffen of vrijspraak. Het KLPD-rapport geeft geen eenduidig antwoord op de vraag hoe de bendes te bestrijden. Het is eerst en vooral een ‘kennisdocument’. Toch lijkt het een opmaat voor een nieuwe strijd tussen de opsporingsinstanties en de 1%-clubs, waarbij onder meer de mogelijkheid tot infiltratie wordt gesuggereerd. Want voor de politie is één ding duidelijk: wie lid wordt van een MC is daardoor bijna automatisch ook een crimineel. ‘Het kan niet worden genegeerd dat het lidmaatschap van de club in grote mate het gedrag van de leden bepaalt,’ concludeert de samensteller.

    Daarnaast probeert de politie om het publieke imago van de Angels aan de kaak te stellen. De clubs strooien de buitenwacht zand in de ogen door bijvoorbeeld open dagen op het clubhuis en donaties aan goede doelen. ‘Dit “beleid” werpt zijn vruchten af, aangezien sommige gemeentebesturen oordeelden dat de Hells Angels zich keurig opstelden. Toch is het vrijbuitersimago niet gepast: goede doelen en open dagen zijn incidenten.’

    Inmiddels lijken burgemeesters in verschillende steden de waarschuwingen van politiezijde ter harte te nemen, gezien de recente afgelastingen van motorbijeenkomsten. Ook proberen sommige gemeentes om de clubs – met name de Hells Angels – bestuurlijk aan te pakken. In Amsterdam procedeert het stadsbestuur al geruime tijd om het – lang gesubsidieerde – clubhuis weg te krijgen omdat het zou worden gebruikt voor ‘criminele doeleinden’. Ook maakt de stad zich zorgen over de rol van de Angels in de bovenwereld. Eerder dit jaar verscheen Emergo, een wetenschappelijk onderzoek onder leiding van criminoloog Cyrille Fijnaut naar de georganiseerde misdaad in het hart van Amsterdam. Fijnaut en de zijnen schrijven: ‘De Hells Angels (…) lijken nauw betrokken bij diverse ondernemingen.’ Het valt op ‘dat sinds 2007 – het jaar waarin de rechtbank de Hells Angels niet heeft verboden als stichting omdat de club geen “criminele organisatie” vormt – de Angels zichtbaarder (in colors) in het Wallengebied aanwezig zijn’.

    De berichten over een dreigende oorlog tussen de Hells Angels en Satudarah mogen dan volgens de clubs schromelijk overdreven zijn, de overheid lijkt zich wel degelijk voor te bereiden op een nieuw offensief tegen de motorbendes.

    Op het Waterlooplein haalt Bikergirl 666 haar schouders op over alle ‘smerige geruchten’. ‘Motorbijeenkomsten voor het hele gezin. Reuze gezellig. Er gebeurt nooit wat.’ Ze krijgt bijval van een andere demonstrant, die zijn lesje van buiten kent. ‘Als er een crimineel bij de club zit, zijn we toch niet gelijk allemaal criminelen? Als één bakker vies brood bakt, ga je toch niet al die andere bakkers daar de schuld van geven?’

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s